Leonardus Cornelis Heij

Leonardus Cornelis HeijLeonardus Cornelis (Leo) Heij, geboren 2 februari 1914 in Utrecht.

In het verzet werkte hij eerst voor het blad "Je Maintiendrai". Later was hij, samen met zijn broers Kees en Bertus, aangesloten bij de "Oranje Vrijbuiters", een groep die in 1941 was gevormd door de bouwkundige Klaas Postma ("oom Peters") uit Utrecht. Aanvankelijk was het doel van de groep om Joden en studenten te laten onderduiken, maar na enige tijd werd een "knokploeg" opgericht van ongeveer 24 jongens en Truus Solleveld. Deze ploeg pleegde aanslagen op landverraders, NSB-ers en Duitsers, overvallen pleegde op distributiekantoren om onderduikers te voorzien van distributiebescheiden, persoonsbewijzen, enz. en die verder spionagediensten verrichtte. Leiders van de knokploeg waren Hans van Koetsveld en Tom Spoelstra. In augustus 1943 werden bijna alle onderduikers en ook de "knokploeg" (20 man) gevangen genomen als gevolg van verraad door Joop de Heus, één der aangeslotenen. Bij die gearresteerden waren ook alledrie de jongens van Heij. Dat de arrestatie van de gebroeders Heij het directe gevolg was van het verraad van Joop de Heus blijkt uit een verklaring van een lid van de Oranje Vrijbuiters.

De gevangenen werden overgebracht naar het 'Oranjehotel' in Scheveningen en op 28 februari 1944 berecht door het Polizeistandgericht in Den Haag, waarbij 20 'Oranje Vrijbuiters' ter dood werden veroordeeld (zie krantenknipsel)

Aan de vooravond van de executies vroegen de ter dood veroordeelden om geestelijke bijstand. Dit werd geweigerd. Ook het schrijven van een afscheidsbrief werd niet toegestaan. Om 12 uur 's nachts kregen ze een galgenmaal: brood met jam en een sigaret. Geboeid werden ze weggevoerd. Op de rand van het massagraf, vlak voor de executies op de Waalsdorpervlakte, kregen Bertus Heij en Jan van der Voort te horen dat zij gratie kregen. Zij moesten wel toezien hoe hun makkers 2 aan 2 geëxecuteerd werden. De belangrijkste reden voor de gratie van Bertus Heij was dat hij tegelijk jarig was met Hitler. Zijn straf werd omgezet in 20 jaar tuchthuisstraf, hetgeen Dachau betekende, waar Jan van der Voort overigens ook belandde.

Het vonnis werd op 29 februari 1944 op de Waalsdorpervlakte voltrokken. Hun laatste woorden waren: "Wij sterven voor God, Koningin en Vaderland".

Na de bevrijding werden de gefusilleerden opgegraven en geïdentificeerd. Aanvankelijk werden zij ongekist in een massagraf op de Algemeene Begraafplaats in Den Haag neergelegd. Later zijn zij herbegraven en nu liggen zij bij elkaar, bij een voor de "Oranje Vrijbuiters" opgericht monument op de 3e Algemene Begraafplaats 'Tolsteeg' in Utrecht.



Bronnen:
'Hun naam leeft voort...!' van W.A. Brug © 1989 Repro Holland B.V.
Met schriftelijke toestemming (4 april 2005) geplaatst
'Gedenkboek van het Oranjehotel' van E.P. Weber (1947)

   

 TERUG NAAR EXECUTIES 1944