| Kindertransport Westerbork | |
|
Kindergezichtjes vol van smart, grote ogen geheel verward, hand in hand, zij aan zij, in een eindeloze rij. |
|
|
Begeleid door
hoge Duitse heren met in aanslag hun geweren. Een meisje valt, staat niet snel op, een duw, een klap en nog een schop. |
|
|
Al struikelend
gaat zij weer staan, helaas niet snel genoeg gedaan. Hoe kan het ook, zij is pas vier en slechts enkele weken hier. |
|
|
Begrijpt maar
niet wat er gebeurt, waarom zij word meegesleurd. Haar broertje ziet het, pakt haar hand, duwt haar zachtjes naar de kant. |
|
|
Geweren worden
snel gericht slaan het ventje in 't gezicht. Verbijsterd terug weer in de rij, zij sjokken verder, zij aan zij. |
|
|
De veewagons
staan klaar, de deuren open, weer wordt geschreeuwd, snel, sneller lopen. Het meisje kijkt nog even om en ziet mij roerloos staan, over haar besmeurd wangetje biggelt langzaam een traan. |
|
|
Dan komen zij
bij de wagons en wie niet klimmen kan, wordt erin gesmeten. Hartverscheurend, het gehuil, de bange schrille kreten. Mamma... waarom kom je niet, waarom ga jij niet mee ? Pappa... kom toch ook, jullie alletwee ? |
|
|
Vertwijfeld
druk ik m'n handen tegen m'n oren, dit immens verdriet, ik wil het niet meer horen. Huilen kan ik niet meer, dit leed is te groot, aan het einde van de reis wacht hen de DOOD |
|
|
Uit de bundel 'Mijn
Gedachten Rusten Niet' © Riet Peper |
|
|
Waalsdorp
(1985) Waalsdorp Sjabbesavond Het lied der achttien dooden
Ongenoemde doden
waalsdorpervlakte Verzet 4 mei 1998 Dodenherdenking DE ‘’STILLE’’ OORLOGSKINDEREN ‘’40’’ – ‘’45’’! 'Tranen' |
|