In het begin van het jaar 1943 werd door de heer Klaas Postma te Utrecht een
organisatie opgericht voor het steunen en helpen onderduiken van Joden.
Na een paar maanden werd deze organisatie uitgebreid om ook anderen, behalve Joden
(bijvoorbeeld studenten en degenen die in Duitsland moesten gaan werken op
grond van hun leeftijd) te laten onderduiken.
Door deze uitbreiding en ook door het steeds groter wordend aantal Joden dat
onderdak zocht, moest op grote schaal aan bonkaarten en valse persoonsbewijzen
worden gekomen. Een gedeelte van de organisatie werd daarom verzetsgroep
en kreeg de naam "Oranje Vrijbuiters". Commandant van het geheel bleef Klaas Postma (oom Peters); ondercommandant werd Frits Meulenkamp (Van Kampen).
Deze verandering vond plaats in mei 1943.
Het hoofdkwartier was gevestigd te Utrecht op de Nieuwe
Gracht. Hier werden de bonkaarten verzameld en verdeeld en werden
instructies gegeven aan de verzetsleden. Het vervalsen van persoonsbewijzen
e.d. vond plaats zowel in Utrecht als in Woerden.
De onderduikadressen bevonden zich op de Veluwe in verschillende huizen in
de omgeving van Epe, in Woerden en in Utrecht. De verschillende
contactadressen waren over het gehele land verspreid.
De "Oranje
Vrijbuiters" hadden verbinding met Engeland, van waaruit gedeeltelijk voor
financiële steun en wapens werd gezorgd door middel van parachutes met de
benodigdheden en parachutisten, waaraan de berichten werden doorgegeven. De
verzetsgroep hield zich bezig met het verzorgen van de onderduikers door
middel van aanslagen op distributiekantoren, met spionagediensten voor
Engeland en het uit de weg ruimen van degenen, die bekend stonden om hun
verraad van goede Nederlanders, die daardoor werden gearresteerd,
gefusilleerd of weggevoerd.
Vanaf mei 1943 tot en met augustus 1943 werden de distributiekantoren
leeggehaald van Huizen en Kampen, waar distributiekaarten en blanco
persoonsbewijzen en blanco Ausweisen werden meegenomen.
Enkele leden
hebben Duitse papieren van munitie-opslagplaatsen, verdedigingswerken en
Duitse kazernes in Nederland doorgegeven aan Engeland, waarna deze werden
gebombardeerd.
Er werden
aanslagen gepleegd op Drost, politiecommissaris te Zeist; op boer De Ruiter
en een vrouw Marsman te St. Michielsgestel. Deze beide aanslagen hadden voor
de betrokkenen geen dodelijke afloop.
In Leeuwarden
werd een aanslag gepleegd op het echtpaar Boeinga.
De verzetsgroep
bestond uit de volgende 27 leden:
Klaas Postma
Frits Meulenkamp
Bertus Meulenkamp
Leo Heij
Bertus Heij
Cornelis Heij
Herman Van Roon
Jacques Martens
Piet Verhage
Hans van Koetsveld
Tom Spoelstra
Bob van Oorschot
Jan van der Voort
Leo Fischer
Ton Hegge
Roel Abma
Andries van Beek
Johan Holswilder
Karel Keizer
Chris Kerkhof
Heinz Loewenstein
"Zwarte Kees" van Koert
Joop de Heus
Leo van Stekelenburg
Herman van Toor
Truus Solleveld
G. van Weelden
Met uitzondering van de
verzetsleden Frits Meulenkamp, G. van Weelden, "Zwarte Kees" van
Koert en Leo van Stekelenburg werden in augustus, september en november 1943 alle Oranje
Vrijbuiters gevangen genomen door verraad van Joop de Heus aan de SD. Ook de
Joodse onderduikers werden gevangen genomen.
Op 29 februari 1944 werden op de Waalsdorpervlakte gefusilleerd:
Klik op foto voor
grotere afbeelding
Klaas Postma
Bertus Meulenkamp
Leo Heij
Cornelis Heij
Herman Van Roon
Jacques Martens
Piet Verhage
Hans van Koetsveld
Tom Spoelstra
Bob van Oorschot
Leo FischerTon Hegge
Roel Abma
Andries van Beek
Johan Holswilder
Karel Keizer
Chris Kerkhof
Heinz Loewenstein
De gefusilleerden
werden op 1 maart 1946 herbegraven op de 3e Algemene Begraafplaats
"Tolsteeg" te Utrecht.
Bertus Heij, Jan van der
Voort en Truus Solleveld werden naar concentratiekampen in Duitsland
overgebracht. Bertus en Jan werden aanvankelijk ook ter dood veroordeeld,
doch kregen (staande aan de rand van het massagraf) gratie. Zij hebben de
executie op 29 februari 1944 moeten bijwonen.